Allergie of intolerantie, wat is het verschil en wat kun je doen?
Leestijd: 5-6 min
Voel jij je weleens moe, opgeblazen of misselijk na het eten? Misschien vraag je je af of je ergens allergisch voor bent, of dat het ‘gewoon’ een intolerantie is. Steeds meer mensen hebben last van onverklaarbare klachten na het eten, en het lijkt alsof onze lichamen gevoeliger worden. Maar waar komt dat vandaan. Nog belangrijker: wat kun je eraan doen?
Wat is een allergie?
Bij een allergie reageert je immuunsysteem heftig en direct op een bepaalde stof, meestal een eiwit in voeding. Denk aan pinda’s, gluten of melk. Je lichaam herkent die stof als een indringer en zet meteen de afweer in. Klachten ontstaan vrijwel direct en kunnen variëren van huiduitslag en benauwdheid tot een levensbedreigende anafylactische reactie. In zulke gevallen is het strikt vermijden van het allergeen (pinda, gluten of lactose) noodzakelijk of soms zelfs het bij je dragen van een epipen, met name als je allergisch bent voor wespensteken.
En een intolerantie dan?
Een intolerantie is iets anders: het lichaam verdraagt bepaalde stoffen minder goed, maar het immuunsysteem raakt niet direct in paniek. De klachten komen vaak vertraagd en wisselen in intensiteit. De ene keer kun je bijvoorbeeld prima tarwe eten, de andere keer voel je je er doodmoe door. De ene keer reageer je direct op een aardbei, een andere keer merk je pas wat na twee dagen. Zie dan nog maar een uit te zoeken op welke voeding je reageerde.
Een intolerantie herken je vaak aan klachten als winderigheid, opgeblazen gevoel, buikpijn, misselijkheid of vermoeidheid ná een maaltijd. Een indicatie van mogelijke intolerantie is als je acuut moet niezen nadat je in aanraking bent gekomen met een stof of een stukje voedsel waar je niet tegen kan. Ook plotseling opkomende jeuk kan hiernaar verwijzen. Je weet in zo’n geval dat je immuunsysteem geactiveerd wordt waar dit eigenlijk niet zou hoeven.
Waarom reageren we vaker op voedsel?
Onze voeding is in de loop van de tijd behoorlijk veranderd. Waar we vroeger vooral vers en onbewerkt aten, krijgen we nu dagelijks bewerkte producten binnen vol geur-, kleur- en smaakstoffen. Veel van die stoffen zijn ‘veilig bevonden’, maar over hoe ze in combinatie op ons lichaam inwerken, is weinig bekend. Bovendien bevat onze voeding steeds meer residuen van pesticiden, antibiotica en andere chemische stoffen die je darmgezondheid kunnen verstoren.
Ook de manier waarop we voedsel produceren is veranderd. Tarwe is bijvoorbeeld zodanig veredeld dat het meer gluten bevat dan vroeger, en monoculturen maken gewassen kwetsbaarder voor schimmels en plagen, wat leidt tot intensiever gebruik van bestrijdingsmiddelen. Al die veranderingen kunnen bijdragen aan overgevoeligheidsreacties bij steeds meer mensen. Mensen die eerder nergens last van hadden krijgen nu wel last.
Als voorbeeld: Coeliakie bestond niet of nauwelijks voor 1940. Na 1950 kwam het op en sindsdien zijn de aantallen alleen maar toegenomen met in het kielzog van de allergie voor tarwe de intolerantie voor tarwe. Wat is er veranderd aan tarwe is een logische vraag. Die is veredeld. De nieuwe tarwe brengt meer op maar is veel korter dan de originele tarwe. Plus het feit dat sinds de jaren 50 vorige eeuw het gebruik van kunstmest en pesticiden/herbiciden alleen maar is toegenomen. Misschien reageren mensen alleen maar op dat laatste terwijl de tarwe de schuld krijgt? Wie zal het zeggen…
Je lichaam raakt in de war
Sommige chemische stoffen kunnen zich in je lichaam gedragen als iets wat er wél thuishoort. Zo kan fluor bijvoorbeeld jodium imiteren, terwijl het een compleet andere werking heeft. Het gevolg is dat lichaamscellen in de war raken en niet weten wat goed of slecht is. Daardoor kun je ineens heftig reageren op voedingsmiddelen die eigenlijk voedzaam zouden moeten zijn. Het bekende verhaal van je tante die niet tegen kamillethee kan of de hevige reactie van je broer op broccoli of blauwe bessen om maar iets te noemen
De rol van je spijsvertering
Een gezonde spijsvertering is de basis van een goede voedselopname. De spijsvertering is een complex proces en te ingewikkeld om volledig uit te leggen. Kort gezegd gebeurt het volgende: je voedsel passeert een zuur milieu in de maag, een basisch milieu bij de gal en een neutraal milieu in de dikke darm. Alleen als dat hele systeem goed functioneert, wordt je voeding netjes afgebroken en opgenomen. In de maag splitsen je eiwitten, als dat onvoldoende gebeurt, is dat al een eerste recept voor winderigheid en obstipatie.
Als je spijsvertering hapert en dat kan vele oorzaken hebben zoals bijvoorbeeld te snel eten, nauwelijks kauwen zodat er weinig enzymen worden aangemaakt. Een andere mogelijkheid is een disbalans in de darmflora waardoor voedsel gaat gisten of rotten in je darmen. De onvolledige vertering kan uiteindelijk leiden tot ontstekingen, gasvorming, krampen en andere klachten. Niet omdat je allergisch bent, maar omdat je lichaam het tijdelijk niet goed kan verwerken.
Wat kun je doen bij een intolerantie?
Het goede nieuws is: een intolerantie is meestal tijdelijk, en je kunt er vaak zelf veel aan doen. Hier zijn een paar praktische tips:
- Eet met aandacht. Goed kauwen en langzaam eten helpt je spijsvertering enorm.
- Varieer je voeding. Te veel van hetzelfde kan je lichaam overbelasten. Gun jezelf afwisseling.
- Zorg voor een gezonde darmflora. Dat betekent veel groenten (liefst vezelrijk), weinig bewerkt voedsel en eventueel ondersteuning met probiotica en enzymen.
- Luister naar je lijf. Als je merkt dat je slecht reageert op iets, neem het dan een tijdje niet. Kijk of je daarna wél weer beter reageert.
- Beweeg dagelijks. Een goede darmperistaltiek helpt je lichaam bij het verwerken en afvoeren van voedsel.
En bij een allergie?
Een echte voedselallergie vraagt om een andere aanpak. Als je weet dat je coeliakie hebt of allergisch bent voor pinda’s, dan is vermijden echt de enige oplossing. Wel kun je als je per ongeluk toch iets binnenkrijgt de schade soms beperken door direct enzymen te nemen die helpen bij de afbraak van bijvoorbeeld gluten of lactose. Dat is geen wondermiddel, maar het kan je klachten wel verzachten. Wat je ook zou kunnen doen:
- Breng je voeding in kaart. Schrijf een week lang op wat je eet en hoe je je voelt. Let op buikklachten, huidreacties, vermoeidheid, stemmingswisselingen.
- Laat eventueel een intolerantie- of allergietest doen. Let op: de betrouwbaarheid van commerciële intolerantietesten verschilt sterk. Een goed voedingsdeskundige of orthomoleculair therapeut kan je hierbij adviseren.
- Kijk naar je darmgezondheid. Veel intoleranties ontstaan omdat de darmflora uit balans is of de darmwand te ‘lekkend’ is (leaky gut). Hier kun je gericht iets aan doen, bijvoorbeeld met probiotica, enzymen, kruiden of voedingsaanpassingen.
- Ga niet zomaar schrappen. Te snel en te veel weglaten kan leiden tot tekorten of een verstoord eetpatroon. Laat je begeleiden als je meerdere dingen niet goed verdraagt.
- Kijk ook naar stress en leefstijl. Stress beïnvloedt je vertering, je afweer en je darmflora. Soms is het niet wat je eet, maar hoe je leeft, dat de klachten veroorzaakt.
Tot slot
Voedsel hoort je energie te geven en niet energie te nemen. Als je regelmatig klachten ervaart na het eten, is het goed om stil te staan bij wat je eet, hoe je het eet en hoe jouw lichaam erop reageert. Met wat kennis en ondersteuning kun je je spijsvertering vaak een heel eind op weg helpen.
Of het nu om een allergie, intolerantie of gevoeligheid gaat: je lichaam probeert je iets te vertellen en doet dat met signalen. Neem ze serieus, maar raak niet in paniek.
We zijn vaak geneigd om op zoek te gaan naar de vijand op ons bord. Maar de oplossing zit meestal niet in het uitsluiten van alles wat lekker is, maar in het herstellen van een gezonde balans.
Wil je weten of jouw klachten met voeding te maken kunnen hebben? Of heb je al van alles geprobeerd en kom je er niet uit? Dan kijken we graag met je mee. Soms zit de oplossing in iets kleiners dan je denkt en begint het met luisteren naar je buik.